Resultaten IRS enquête Rome-Reformatie

De resultaten van de IRS enquête over Rome-Reformatie van het najaar 2021 zijn bekend! Op deze pagina worden de resultaten gepresenteerd per onderwerp. Voor hen die na het lezen van de resultaten ook graag hun mening willen delen en een enquêteformulier willen invullen, dat kan via deze link. Dan voegen we uw opinie toe aan onze database voor toekomstige onderzoeken. Dank voor alle betrokkenheid en input!

Aanleiding en de enquête

Een van de doelstellingen van de Stichting In de Rechte Straat (IRS) is het getuigend gesprek met “Rome”, maar ook wil IRS goede voorlichting geven over de Rooms-Katholieke Kerk en daarbij de kernthema’s van de Reformatie levend houden, ook in protestantse kring. Om te weten waar IRS dienstbaar kan zijn, zijn de actuele opvattingen gepeild die er anno 2021 in de reformatorische gezindte leven over de Rooms-Katholieke Kerk. Het ging hierbij om vragen zoals: ‘Hoe bekend bent u met “Rome”? Wat vindt u van de Rooms-Katholieke Kerk? En hoe duidt u de ontwikkelingen in onze gezindte met betrekking tot Rome-Reformatie?’ Naast deze vragen is ook gepeild in hoeverre men vindt dat de jaarlijkse reformatieherdenkingen van belang zijn en of er voldoende aandacht voor en betrouwbare informatie beschikbaar is over Rome en hoe men bekend is met Rome. Hiervoor is een digitale enquête uitgezet onder alle (kerkelijke) contacten van IRS, waaronder nieuwsbriefontvangers, predikanten, kerkenraden en diaconieën uit de achterban. Ook is er via extra mailingen aan studentenverenigingen en via online advertenties en sociale media aandacht voor gevraagd. Een deel van de respondenten gaf ook aan nog niet eerder van IRS gehoord te hebben. Om zo min mogelijk te sturen is er zoveel mogelijk gewerkt met open vragen waarbij de antwoorden achteraf zijn gecategoriseerd. Na een korte samenvatting van de resultaten volgt per onderwerp de uitkomst van de enquête.

Samenvatting

De enquête kon rekenen op een goede respons uit de breedte van de gereformeerde gezindte. Een groot deel van de respondenten is ambtsdrager en mannelijk. Bekendheid met Rome is er via grotendeels protestantse bronnen, al worden ook rooms-katholieke bronnen (met name bij de PKN) geraadpleegd en is een derde van de respondenten bekend via familie, bekenden of door woonachtig te zijn (geweest) in rooms-katholieke gebieden. De jaarlijkse reformatieherdenkingen worden gemiddeld genomen belangrijk tot heel belangrijk gevonden. Hierbij geldt, hoe ouder hoe belangrijker dit wordt gevonden. Men waardeert bij Rome de orthodoxe leer en katholiciteit, sociale betrokkenheid en behoudende medisch-ethische standpunten, als ook de geloofsbeleving met aandacht voor symboliek, de rijke liturgie en devotie. Men denkt bij Rome vooral aan ‘Maria’, het pausambt en kerkelijke hiërarchie, maar ook cultuurhistorische en sociaal-maatschappelijke aspecten. Bij de dwalingen staan naast ‘Maria’ de dwalingen rondom de heilsleer bovenaan, gevolgd door verwijzing naar de riten en uiterlijkheden. Qua verandering ziet men bij Rome vooral meer oecumene, openheid, aandacht voor sociale thema’s, maar ook secularisatie. Een klein deel geeft aan ‘geen of nauwelijks verandering’ waar te nemen. Hoe de toenadering tussen Rome en Reformatie wordt geduid is uiterst divers en gelijkelijk verdeeld over positief en negatief. Deze verhouding laat een duidelijke verschuiving zien met de leeftijd, hoe jonger hoe positiever. In de PKN, kort daarna gevolgd door de PKN-GB, wordt het meest positief over de toenadering gedacht. Het meest negatief en waarschuwend is de HHK, gevolgd door de GG en CGK. De (ex)-rooms-katholieken die hebben deelgenomen duiden nagenoeg allen de toenadering als negatief”

Veel en diverse reacties

Het aantal reacties overtrof de verwachting in aantal en inhoud. Nogmaals hartelijk dank aan alle deelnemers voor de genomen moeite, voor de bemoedigende, inhoudelijke, meelevende, bezinnende, maar ook waarschuwende en kritische reacties die we mochten ontvangen op de vragen die gesteld werden. In totaal hebben we 556 ingevulde enquêtes ontvangen. Daarvan was 82% man en 18% vrouw. Dit komt overeen met het feit dat een groot deel (38%) door de enquêtes is ingevuld door kerkelijke leiding (predikant, evangelisten, ouderlingen, diakenen), de rest door de niet-ambtsdragers: belijdende leden, doopleden of overige kerkelijke betrokkenen. Een uitzondering hierbij is de Gereformeerde Gemeenten (GG) waarbij relatief veel niet-ambtsdragers de enquête hebben ingevuld, ruim 70%. Dit is voornamelijk te verklaren doordat in verhouding met andere kerkverbanden er bovengemiddeld veel belijdende leden hebben deelgenomen aan de enquête. Verder hebben we veel reacties ontvangen uit de Protestantse Kerk Nederland (PKN). Hierbij is onderscheid gemaakt voor de Gereformeerde Bond (GB). Via deze gemeenten deden respectievelijk 26% (PKN GB) en 8% (PKN) van de respondenten mee. Voor de Hersteld Hervormde Kerk (HHK) was dit percentage 14% , vergelijkbaar voor de Christelijke Gereformeerde Kerken (CGK) met 13%. Van de kleinere groepen respondenten was de Gereformeerde Gemeenten in Nederland (GGiN) met 4% de grotere. Ook was er een groep ‘Overige’ (6%) met diverse respondenten: randkerkelijk, Messiasbelijdend Joods, Rooms-Katholiek, Anglicaans, Pinkster/evangelisch, vrije gemeenten en baptisten. Een en ander is samengevat in Grafiek 1. Voor de leeftijdsverdeling van de respondenten, zie Grafiek 2. Er is een piek te zien bij de vijftigers, deels te verklaren doordat een aanzienlijk deel van de respondenten ambtsdrager is. In de verwerking is voor de jongste leeftijdsgroep 0-30 jaar genomen, met daarna stappen van 10 jaar tot 70+. Het aantal jonge respondenten is relatief laag. Er is daarom voorzichtigheid geboden de resultaten te interpreteren voor de jeugd, al is er evenwel gekeken worden naar patronen per leeftijd. Er is ook gekeken naar of er verschillen zichtbaar waren voor de verschillende kerkverbanden als ook eventuele verschillen tussen kerkleiding en (doop)leden.

Grafiek 1: Respondenten IRS enquête per kerkverband
Grafiek 2: Respondenten IRS enquête per leeftijd
Hoe is men bekend met “Rome”?

Een belangrijke vraag is op welke manier de gereformeerde gezindte bekend is met de Rooms-Katholieke Kerk. Een 17-tal respondenten gaf aan zelf (ex)-rooms-katholiek te zijn. Een flink aantal respondenten (31%, 175 keer) gaf aan familie of bekenden te hebben met een rooms-katholieke achtergrond. Van hen zijn er 28 die ook zelf in een rooms-katholieke omgeving wonen. Net iets meer dan een kwart (26%, 147 keer), geeft aan Rome (mede) via de rooms-katholieke bronnen te kennen. Van de 147 van hen zijn er 127 die daarbij ook protestantse bronnen raadplegen. Omgekeerd, van de 427 (77%) die aangeven de Rooms-Katholieke Kerk (mede) te kennen via de protestantse bronnen zijn er 127 die ook rooms-katholieke bronnen raadplegen. Onder de overige (18%) staan aanvullende manieren vermeld: met rooms-katholieke collega’s, stage en studie, reguliere media, kloosterbezoek, vakantieontmoetingen, via IRS, etc. Zie verder Grafiek 3. Per kerkverband en leeftijdsverdeling zijn er geen bijzonderheden, afgezien van het feit dat en onder hen die de rooms-katholieke bronnen raadplegen deze in de PKN relatief net wat meer voorkomen. Verder wordt onder de kleine groep van doopleden er in verhouding net iets minder de protestantse bronnen geraadpleegd en is de bekendheid met Rome voor de groep van 0-30 ook wat minder dan bij de oudere respondenten.

Grafiek 3: Hoe is de gereformeerde gezindte bekend met “Rome”?
Wat gewaardeerd wordt in “Rome”

Bij deze open vraag werden vele en diverse reacties gegeven die allemaal zijn gecategoriseerd op hoofd en sub-thema’s. De hoofdthema’s zijn weergegeven in Grafiek 4. Er is een kleine groep respondenten die op deze vraag met “(nagenoeg) niets” reageert, dit betreft zo’n 6% van de reacties (35 keer), hierbij zijn de 70+ers wat meer vertegenwoordigd. Van de overige antwoorden zijn er 265 antwoorden met waardering voor diverse elementen van de geloofsleer en kerkopvatting. Te denken valt hierbij aan de katholiciteit, de onveranderlijke waarheid, de waarde van de traditie, de plek op het wereldtoneel, het Godsbesef, als moederkerk, dezelfde God, met oude wortels, de orthodoxe leer over Jezus Christus als Zoon van God, de continuïteit, als wereldkerk, de onverstoorbaarheid, de gedeelde christelijke belijdenis, de orthodoxie en eenheid, de eeuwenlange traditie, etc. Als tweede, 205 keer, wordt verwezen naar sociale betrokkenheid en de medisch-ethische standpunten van de rooms-katholieke kerk. Dit gaat dan om de behoudende ethische standpunten over het huwelijk en genderideologie (man-vrouw) en de beschermwaardigheid van het leven aan het begin en het einde met abortus en euthanasie. Hierbij wordt het behoud van de christelijke normen en waarden veel genoemd. Als derde, 144 keer, wordt verwezen naar de geloofsbeleving en de praktijk in de Rooms-Katholieke kerk. Als voorbeelden worden genoemd: De mooie liederen, de rituelen, de kunst, de muziek, de orde in de dienst, de liturgie, de rust en contemplatie, het sacrale, de symboliek, de aandacht voor het heilige en schone, de plechtigheid, de eerbied, de stilte, de contemplatie, etc. Een klein deel, 41 keer in totaal, verwijst nog naar de cultuurhistorische waarde van de prachtige kerkgebouwen, de machtige kathedralen en kerken die altijd open zijn. Een enkeling noemt nog de opstelling van de huidige paus en ook wordt er verwezen naar positieve persoonlijke contacten met rooms-katholieken en het feit dat ‘die er zijn voor anderen’. Er is bij dit alles geen noemenswaardig verschil voor de verschillende leeftijden of kerkelijke functies, behalve dan dat de wat oudere generaties meer en uitgebreider reageren op deze open vragen.

Grafiek 4: wat waardeert de gereformeerde gezindte in “Rome”?
Waar aan gedacht wordt bij “Rome”

Ook bij deze open vraag werden diverse reacties gegeven die allemaal zijn gecategoriseerd op hoofd en sub-thema’s. De hoofdthema’s zijn weergegeven in Grafiek 5. Bij deze vraag gaat de geloofsbeleving voorop in tegenstelling tot bij de vorige vraag, maar liefst 428 antwoorden hebben hier relatie mee, de Mariaverering wordt hierbij het eerste genoemd (144 keer), gevolgd door de sacramenten zoals de mis en de biecht (87 keer), devotie symboliek en rituelen (74 keer), als ook bijvoorbeeld de heiligenverering (55 keer). Als voorbeelden worden genoemd: de Mariadevotie, het kaarsjes branden, de afgoderij, de mis, het kruisje slaan, heiligenverering, de beeldendienst, sacramenten, de eucharistie, de crucifix en “Latijns gewauwel”, vaste gebeden, de vormendienst, uiterlijk vertoon, maar ook rust, contemplatie, iconen, rituelen, symboliek. Een twintigtal wijst hierbij ook nog op de flinke kerkverlating en secularisatie. Als tweede worden antwoorden gegeven in de categorie geloofsleer, met 295 antwoorden die hier naar verwijzen. Het gaat dan in 172 antwoorden om de kerk en ambtsstructuur (waaronder het pausambt) en in 128 antwoorden om dwaalleringen en theologische noties, zowel positief als negatief. Voorbeelden die bij de categorie geloofsleer genoemd worden zijn: de paus, de tradities, de kardinalen, dwalingen zoals goede werken, de hiërarchie in de kerk, de transsubstantiatieleer, RKK als een wereldkerk, de afgoderij, het instituut, het celibaat, “valse theologie”, de (verbondenheid met de) moederkerk, de continuïteit, de onbuigzaamheid, etc. In mindere mate wordt bij de antwoorden op deze vraag verwezen naar de cultuurhistorische en de sociaalmaatschappelijke kant, respectievelijk 103 en 65 keer. Hierbij wordt verwezen naar de ‘open kerken’, de wereldzending, de steun voor zwakken in de samenleving, het plichtsbesef richting naaste, de dienstbaarheid, ‘liefdevolle mensen’ en open projecten. Maar ook de misbruikzaken en -schandalen en het negatief invloed uitoefenen op gelovigen, de macht en het heersen, ‘het knechten van gelovigen met moraaltheologie”, de politieke machtsverstrengeling en politiek gekonkel.

Grafiek 5: Aan welke hoofdthema’s wordt door de gereformeerde gezindte gedacht bij “Rome”?
Dwalingen van “Rome”

Op de specifieke vraag waarin Rome dwaalt worden zowel antwoorden gegeven die raken aan de geloofsleer en de geloofsbeleving c.q. -praktijk. Gegroepeerd met thema en in volgorde van frequentie worden de volgende thema’s genoemd, zie Grafiek 6. Bij bijna de helft van de enquêtes wordt “Maria” genoemd (265 keer), in termen van Mariadevotie, Mariaverering, Maria, etc. Op vergelijkbaar niveau zijn de antwoorden die raken aan dwaalleringen rondom het verkrijgen van heil, vergeving of verzoening (257 keer). Daarbij noemt men (het tekort van) goede werken, het vagevuur, en het unieke en volmaakte van Christus offer, als ook een leer van verzoening ‘ waarbij de kerk een cruciale rol speelt’ . Daarna volgt het thema van de sacramenten, riten en uiterlijkheden (203 keer). Heiligenverering (158 keer) en het pausambt (141 keer) volgen kort daarna. Bij de paus wordt genoemd ‘zijn onfeilbaarheid en ‘uitdeler van genade’ . Een volgend thema is de “overige dwalingen” (112 keer) waaronder het celibaat valt, de transubstantiatieleer, het semi-pelagianisme, het schema natuur-bovennatuur, etc. Twee resterende categorieën zijn de kerkopvatting met hiërarchie en machtsstructuren (92 keer) en de rol van het Woord (56 keer), de geringe Woordverkondiging die wordt aangevuld met aanvullende bronnen en de invloed van de kerkelijke Traditie. Hieronder vallen ook antwoorden als gebrek aan catechese.

Grafiek 6: waarin dwaalt “Rome” volgens de gereformeerde gezindte?

Bij het vergelijk van de categorieën over leeftijd en kerkelijke functie is er geen duidelijk patroon of tendens zichtbaar, behalve dan dat wanneer de categorieën worden samengenomen onder de twee hoofdthema’s geloofsleer en geloofsbeleving, de leeftijdsgroep van 0-30 jaar een paar procent meer antwoorden geeft richting de geloofsbeleving en bij de leeftijd 70+ richting geloofsleer, daar waar het bij de overige leeftijden in evenwicht is met globaal 50%-50%, maar heel overtuigend zijn deze verschillen niet te noemen.

De veranderingen bij “Rome”

Op de vraag welke verandering men ervaart bij Rome, bijvoorbeeld in de afgelopen 40 jaar, antwoordt men heel divers. De antwoorden zijn zoveel mogelijk gecategoriseerd onder de thema’s zoals weergegeven in Grafiek 7. Met stip bovenaan (208 keer, 36% van de respondenten) staat ‘meer oecumene’ al dan niet gecombineerd met een liberalere inslag). Daarna volgt de toegenomen secularisatie (82 keer). Op eenzelfde niveau zijn antwoorden die aangeven ‘dat er bij Rome niets is veranderd’ , doelend op de geloofsleer en het instituut (85 keer). Daar tegenover staan antwoorden die aangeven dat de Rooms-Katholieke Kerk meer open en missionair is (70 keer) en er meer aandacht is voor het Woord (50 keer), de genadeleer (43 keer) en sociale thema´s (45), daaronder vallen maatschappelijke kwesties zoals aandacht voor misbruikzaken, homoseksuelen en ethische kwesties. De kleinste categorieën zijn: meer aandacht voor Christus, minder star en stellig, en bescheidener met minder gezag en impact, allen ongeveer 30 keer. Bij vergelijk over de leeftijd valt bij de antwoorden slechts een enkele trend op. De antwoordcategorie “niets is veranderd” neemt in absolute en relatieve zin af met het dalen van de leeftijd. Vanaf ongeveer 20% van de antwoorden gegeven per leeftijdsgroep daalt dit naar 5% van de antwoorden gegeven per leeftijdsgroep. Voor het overige is er geen trend of patroon aanwijsbaar.

Grafiek 7: Waarin is “Rome” veranderd volgens de gereformeerde gezindte?
Het belang van de Reformatieherdenkingen

Op de vraag hoe belangrijk men de jaarlijkse reformatieherdenkingen, zie Grafiek 8a, vindt antwoordt een heel klein deel ‘niet belangrijk’ (28 keer, 5%), een groter deel een beetje belangrijk (80 keer, 14%), ongeveer een kwart ‘gewoon belangrijk’ (132 keer, 24%). Het grootste deel van de respondenten geeft aan dit ‘ heel belangrijk’ (244 keer, 44%) of uiterst belangrijk (70 keer, 13%) te vinden. Onder hen die de jaarlijkse reformatieherdenkingen ‘niet belangrijk’ vinden is relatief net wat vaker een PKN respondent die positief oordeelt over de toenadering tot Rome. Verder is er een duidelijk patroon zichtbaar voor wat betreft de leeftijd: hoe ouder hoe meer belang er wordt gehecht aan de jaarlijkse reformatieherdenkingen, zie Grafiek 8b. Voor de oudere generaties is het percentage “heel/uiterst belangrijk” ongeveer 60% van de antwoorden, en voor de generatie 0-30 en 31-40 net iets meer dan respectievelijk 30% en 50%.

Grafiek 8a Hoe belangrijk zijn de jaarlijkse reformatieherdenkingen?
Grafiek 8b: Hoe belangrijk zijn de jaarlijkse reformatieherdenkingen? Per leeftijd
Is er voldoende aandacht en betrouwbare informatie over “Rome”?

Globaal is er een tweedeling tussen hen die vinden dat er ‘weinig of te weinig’ en zij die vinden dat er ‘genoeg of te veel’ aandacht is voor Rome, zie Grafiek 9. Een groot deel van de respondenten (38%) vindt dat er genoeg aandacht is voor Rome, een nagenoeg even groot deel vindt dat er weinig aandacht is (38%). Aan de ene kant is er verder een groepje dat vindt dat er te veel aandacht is voor Rome (4%), als ook een groep die dit te weinig vindt (17%). Onder de respondenten die vinden dat er teveel aandacht is voor Rome bevinden zich hen die de toenadering tussen Rome en Reformatie negatief duiden. Onder hen die vinden dat er te weinig aandacht is, zijn zij die deze toenadering juist positief duiden. Verder zijn er qua leeftijd of kerkelijke functie geen patroon of opmerkelijke afwijkingen zichtbaar.

Grafiek 9: Is er voldoende aandacht voor “Rome” in protestantse kring?

Bij de antwoorden op de vraag of er voldoende betrouwbare informatie beschikbaar is, is het patroon redelijk vergelijkbaar met de vorige vraag, opnieuw een tweedeling tussen ‘(te) weinig’ en ‘veel/genoeg’, zie Grafiek 10. Onder hen die het antwoord ‘ te weinig’ (14%) geven bevinden zich met name zij die de oecumene en/of toenadering tussen Rome en Reformatie positief duiden, waaronder bovengemiddeld PKN respondenten. Er is geen noemenswaardig patroon aan te wijzen qua leeftijd of kerkelijke functie.

Grafiek 10: Is er voldoende betrouwbare informatie beschikbaar over “Rome”?
Wat vindt men in de gereformeerde gezindte van de toenadering van Rome tot de protestanten en omgekeerd?

Op deze vraag wordt veelal uitgebreid geantwoord door 530 mensen. Velen van hen maken diverse opmerkingen en/of geven een meervoudige reactie: Positief is men vaak over de persoonlijke ontmoetingen en toenadering op het persoonlijke vlak, negatief als het gaat over de Rooms-Katholieke Kerk als instituut met haar leer. Anderen benoemen een positieve kant en laten tegelijk ook een waarschuwing horen. Die zijn beide in de antwoorden verwerkt, de ene als ‘ positief’ , de andere als ‘negatief’ . Per categorie worden diverse voorbeelden gegeven zoals door de respondenten ingevuld.

Over het geheel genomen bevatten 242 antwoorden een positieve duiding en exact een even groot aantal een negatieve duiding, ook 242. Bij 39 respondenten is deze vraag leeg gelaten of kon geen kwalificatie worden gegeven, bijvoorbeeld bij: “Hangt er vanaf hoe en wat en waar en door wie en op welke wijze”. De antwoorden zijn opgedeeld in 9 categorieën, met daarbij een voorbeeldselectie van gegeven antwoorden:

1. Erg positief (24 keer) – “Uiterst noodzakelijk”, “Prachtig!”, “Het Lichaam van Christus mag niet verdeeld zijn”, “Ik juich het toe.”, ” Als een zeer positieve en urgente ontwikkeling. Ik ben zeer voor een ’terug naar Rome’”, etc.

2. Positief – (102 keer) – “Positief, de RK is ook een christelijke kerk”, “In principe positief, zij hebben als broeders en zusters 20 eeuwen overleefd”, “als Bijbels”, “Prima, alleen maar gezellig”, “Heilzaam”, “We hebben elkaar hard nodig rondom Gods Woord en het kruis”, “In principe als positief. Ik zie hen zelf niet als concurrent maar als broeders en zusters in het geloof. Wij protestanten zouden wel een beetje meer ootmoed op mogen brengen ten opzichte van onze grote broer”, “als positief. Wij dienen dezelfde God en zijn broeders en zusters. Goed om te zoeken naar de verbinding, niet naar de tegenstelling.”, “Positief. We kunnen veel van elkaar leren als Bijbel getrouwen Katholieken en protestanten.”, “Toenadering is positief. Er zou meer gesprek kunnen zijn. Daarbij hoeft de pijn van het verleden niet vermeden te worden. Ook mag er oog zijn voor de verschillen.” etc.

3. Gematigd positief (73 keer) – “Goed, zolang Christus en het Woord centraal staan”, “hoopvol”, “positief, met de nodige reserves”, “positief, maar wel belangrijk de verschillen te weten”, “Naast grote verschillen zijn er ook veel punten waarbij we hetzelfde geloven”, “ik ben voorstander van het zoeken van toenadering met behoud van Bijbels zicht op de kern van het Evangelie”, “we hebben dezelfde wortels, maar van kerkelijke eenheid kan alleen sprake zijn als er verzoening plaatsvindt en van standpunten afstand wordt gedaan”, “op zich geen probleem, maar protestanten moeten geen water bij de wijn doen”, “in principe geloven we hetzelfde”, etc.

4. Voorzichtig positief (43 keer) – “positieve richting, maar is Rome werkelijk bereid de Bijbel als enige grondslag te nemen?”, “Als een goede ontwikkeling die nooit tot iets concreets zal leiden, het is belangrijk om de ontmoeting van mens tot mens te hebben”, “voorzichtig”, “kon beter”, “tot op zekere hoogte goed”, “De Bijbel wordt van beide kanten op verschillende wijze geïnterpreteerd. Maar gaat het over de betekenis van het Woord dan vind ik de toenadering tussen beiden positief”, etc.

5. Neutraal of geen mening of ervaring (33 keer)

6. Voorzichtig of bezorgd (16 keer) – “Geen eenduidig antwoord mogelijk, er is vrijzinnige oecumene die nergens toe leidt, maar gelukkig ook herkenning in Christus onze enige Zaligmaker”, “Dat is vooral een zoeken van compromissen, daarin worden remonstranten wel aangesproken. Toenadering tot de Bijbel zou me meer aanspreken”, “Op zich goed om met elkaar in gesprek te gaan, maar of we één worden in de 3 sola’s betwijfel ik…”, “ongewis”, etc.

7. Waarschuwend, met name om de reformatorische leer niet los te laten (94 keer) – “zorgwekkend, ze kunnen niet bij elkaar, alleen door Jezus”, “Rome’s toenadering is met weinig concessie van hun kant”, “waarschuwen dat er maar één Weg is”, “Respect voor elkaar is ook hier belangrijk. Dit mag niet gaan ten koste van de zuivere Waarheid!”, “Een (te grote) groep protestanten willen eenheid ten koste van te veel”, “Er wordt veel gesproken. We noemen dat dialoog waardoor, naar mijn mening, de scherpe tegenstelling in bijvoorbeeld de genadeleer, zo grijs wordt gemaakt dat het aannemelijk lijkt dat RKK en Protestanten niet zover uiteen liggen”, “sceptisch, in de aard der zaak weinig realistisch wanneer we getrouw blijven aan de 3 sola’s.”, “Ingewikkeld…het ging in de reformatie over wezenlijke zaken…daar zal het gesprek over moeten gaan”, “Vind ik lastig omdat oecumene vaak door verwatering plaats vindt”, “Zorgelijk; ze is mijns inziens theologisch en confessioneel niet op de goede leest geschoeid”, “Ik ben voorstander van toenadering zoeken. Maar asjeblieft wel met behoud van een Bijbels zicht op de kern van het Evangelie”, etc.

8. Negatief (97 keer) – “ Er is geen enkele toenadering, water bij de wijn wordt van protestanten verwacht.”, “Richting de Roomse Kerk moeten we geen toenadering zoeken. De kloof is veel te groot”, “zonder overeenstemming omtrent de kernwaarden ( de 5 sola’s) lijkt het eerder op het produceren van mist waarbij wat ons doctrinair scheidt verkeerdelijk als van secundair belang wordt voorgesteld”, “Dit is de verkeerde weg”, “Discutabel en min of meer gevaarlijk”, “Protestanten stappen te makkelijk over onopgeefbare zaken heen”, “Ik ben daar niet zo blij mee omdat de leer ten diepste niet veranderd is. Luther is toen niet voor niets verbannen en ik denk dat hij, noodgedwongen, in deze tijd opnieuw die keus had gemaakt.”, “negatief”, “Verkeerd. Rome zal geen concessies doen”, “De officiële standpunten zullen ze nooit loslaten, dus uiteindelijk zinloos.”, “gedoe van nix”, “valse oecumene”, “De grondslagen komen niet overeen, dus geen toenadering. Of anders echte Reformatie”, etc.

9. Erg negatief (35 keer) – “onbegaanbare weg”, “levensgevaarlijk, de leugen heerst”, “Uiterst negatief. De roomse kerk verkondigt niet het ware evangelie, de rechtvaardiging van de goddeloze door het geloof. De werkheiligheid verduistert het evangelie.”, “Gevaarlijk. Tenzij het om Evangelisatie naar Roomsen gaat”, “Slechte zaak. Onze vaderen noemden Rome de antichrist!”, “Verraad en verloochening van onze erfenis”, “Totaal verkeerd. Overigens: in gesprek blijven kan geen kwaad.”, “Afwijzen(d)!!”, “Een heilloze weg”, “dat is een trieste ontwikkeling waarbij ons historisch-protestants besef erg verwaterd. Onze voorouders gingen in deze discussie de brandstapel op.”, etc.

Bij al deze antwoorden worden veel aanvullende opmerkingen gemaakt. Opvallend is dat relatief vaak genoemd wordt dat er geen toenadering is van Rome (72 keer) en officiële standpunten niet worden losgelaten. Ook wordt genoemd, zij het in veel mindere mate, dat er gevonden wordt dat er geen toenadering van protestanten is (10 keer). Verder wordt er expliciet verwezen naar het belang van verbinding zoeken (33 keer) en het gesprek aangaan (48 keer). Opmerkelijk is verder dat, genoodzaakt door de steeds verder seculariserende en moderne wereld, de ethische, maatschappelijke en politieke samenwerking veel wordt genoemd, ook bij hen die de toenadering en oecumene negatief duiden (70 keer).

Bij de uitwerking per leeftijd blijkt dat de waardering van de toenadering tussen Rome en Reformatie door de jongere generaties met een duidelijke trend positiever wordt gewaardeerd, al blijft ook bij de jongere leeftijden een derde deel negatief. Tussen de opeenvolgende decennia qua leeftijd tussen 30 en 70 jaar verschuift de grens tussen positief en negatief met zo’n 5-8% per decennium, zie Grafiek 11a. Wanneer gekeken wordt of er verschillen zijn per kerkverband, blijkt dat in de PKN, gevolgd door de PKN-GB het meest positief over de toenadering wordt gedacht. Het meest negatief en waarschuwend is de HHK, gevolgd door de GG en CGK, zie Grafiek 11b.

Grafiek 11a: Waardering toenadering Rome-Reformatie (per leeftijd)
Grafiek 11b: Waardering toenadering Rome-Reformatie (per kerkverband)

Tot slot is nog vergeleken of contact in de persoonlijke levenssfeer (familie, bekenden, of woonachtig (geweest) in roomse gebieden) van invloed is op de duiding van de toenadering. Dit blijkt niet echt significant te zijn, of het moet een zeer kleine extra positieve duiding zijn van 2% extra wanneer men zelf rooms-katholieke familie of bekenden heeft. Duidelijk is wel dat de (ex)-rooms-katholieken nagenoeg allen (87%) de toenadering als negatief duiden .