Ds. Manuel López over kerkplanting

Ds. Manuel López: “Het is daarom nodig om daar waar geen kerk is, er een te planten.”

Ds. Xosé Manuel López Franco werd geboren in O’Grove, in de provincie Pontevedra, Galicië. Op dit moment woont hij met zijn vrouw Alba en zijn zoon Teo in Almuñecar, in de provincie Granada in Andalucië. In deze gemeente aan de kust van Granada is hij voorganger van de hervormde kerk die met zijn hulp gesticht werd.

Hoe belangrijk is kerkplanting?
Ds. Manuel Lopez: “Voor mij is het planten van nieuwe kerken en de uitbreiding van het Evangelie een ‘must’, een verplichting, een opdracht, maar vooral een voorrecht ( Matth. 28:19-20). De prediking van het Evangelie moet de bekering en de integratie van nieuwe gelovigen in de plaatselijke kerken tot doel hebben. Het is daarom nodig om daar waar geen kerk is, er een te planten.”

Ziet u uzelf als evangelist?
“Wel, soms hoor ik als het over mij gaat: ‘Dat is een evangelist!’ Dat zou ik graag willen, maar dat ben ik helaas niet. Maar toch: ‘Doe het werk van een evangelist!’(2 Tim. 4:5).”

Wat is de sleutelrol bij kerkplanting en de prediking van het evangelie op straat en op andere openbare plekken?
“In de eerste plaats: je kunt geen kerk stichten zonder de prediking van het Evangelie. Het Evangelie moet gepredikt worden binnen de kerk en buiten de kerk: binnen de kerk zullen zowel de prediking als het onderwijs uitgelegd moeten worden; buiten de kerk moet de arbeider creatief zijn om vormen te zoeken waardoor hij bruggen slaat, contacten legt en relaties aangaat om het goede nieuws te delen. Ik heb bijna van alles gedaan en ik sta open voor experimenten, zolang die niet strijdig zijn met het Woord.”
Wat gebeurt er of hoe gaat het in zijn werk als je een kerk sticht? Wat voor invloed heeft het op de plaats waar dit werk tot stand komt? Als het een kleine stad is moet je dan ergens specifiek rekening mee houden?
“Ten eerste zul je een moederkerk moeten hebben die visie heeft en daarna blijft bidden en vasten, zoekt, een team vormt en dat uitzendt (Hand.13:1-3). Het team moet, indien mogelijk, bestaan uit meer dan twee mensen en de kerk moet de planting, minstens de eerste twee jaren van het project, ondersteunen met mankracht en financiële hulpbronnen. Het is belangrijk de plaats te bestuderen waar men denkt aan het werk te gaan. Men moet rekening houden met statistische en sociologische factoren, zoals de gemiddelde leeftijd, het aantal buitenlanders, met inbegrip van het sociaal, economisch en cultureel niveau. Is het een traditionele plaats of niet, etc. Als het een kleine plaats is zal het jaren kosten om als kerk een reputatie op te bouwen. In Spanje worden we geconfronteerd met grote vooroordelen met betrekking tot de protestanten.”

Wat zijn de wezenlijke aspecten waar je rekening mee moet houden als je aan kerkplanting begint? Wat voor raad zou je met jouw ervaring aan iemand willen geven die hieraan begint?
Als er een gezin, een broeder/zuster in de moederkerk zou zijn die van plan is een project op te starten, of als er een groep bestaat, al is die nog zo klein, met wie hij kan beginnen, moet men hem zoveel mogelijk de eerste jaren ondersteunen, in ieder geval de werker die zal gaan prediken. Afgezien daarvan is het belangrijkste dat de werker zich geroepen voelt tot deze bediening en dat hij vanuit de kerk bevestigd kan worden tot deze roeping. Als men er niet zeker van is geroepen te zijn kan men het wel vergeten om het verder te proberen. De pionierswerker moet flexibel zijn en onderscheid weten te maken tussen de hoofdzaak en de bijzaken (1 Kor. 9-20-23).
Geduld hebben met degenen die komen en volhardend in waar hij aan begonnen is. Nederig en barmhartig, het resultaat van het werk hangt niet van hem af, ook niet van zijn plannen, ook niet van zijn gaven, maar van de Heere Zelf. Daarom is de gemeenschap met de Heere belangrijker dan het werk zelf. Dat alles zonder zijn gezin te verwaarlozen, want dat is zijn eerste bediening.”

Hoe kan men inschatten of het kerkplantingswerk voorspoedig is?
“Wel, als we het resultaat getalsmatig beschouwen, zal het aantal aanwezigen de graadmeter zijn. Jaren geleden was er onder mijn collega’s niet anders te horen dan dat niet het aantal belangrijk was, maar het geloof. Uiteindelijk lijkt het taalgebruik veranderd te zijn en zijn de aantallen belangrijk geworden. Ik geloof dat hiertussen een evenwicht gevonden moet worden.
Wij willen allemaal groeien, maar we groeien niet allen op dezelfde manier, want ‘de wasdom is van de Heere’ (1 Kor. 3:7). Volgens mij wordt de ware kerkgroei tot stand gebracht door nieuwe bekeerlingen en is dat niet het resultaat van teleurgestelde mensen, leerstellige bekeerlingen, verlorenen en andere broeders die naar de kerk komen en zich gewoonlijk niet voegen bij een plaatselijke kerk.”

Wat kun je als pastor doen om een kerk leven in te blazen of te motiveren voor het zendingswerk? Geeft u enige toerusting of specifiek onderwijs? Gaat u een of ander boek aanbevelen dat specifiek opbouwend is in deze kring?
“Als een kerk meer tijd besteedt aan zichzelf dan aan de opdracht het evangelie te prediken en zich te vermenigvuldigen, bevindt ze zich steeds dichterbij het formalisme en loopt ze het gevaar in de kilte te vervallen die leidt tot stagnatie. Het beste is ‘de ogen op te slaan naar de velden want ze zijn al wit om te oogsten’ (Joh. 4:35) Wat de voorbereiding van het pionierswerk betreft, niets is te vergelijken met het meewerken met iemand die het heeft gedaan of die ermee bezig is. De theorie is nodig, maar de praktijk is onmisbaar. Ik zou aanbevelen om alle boeken te lezen die handelen over dit onderwerp. We altijd iets leren van iedereen die bezig is om het zendingswerk toegankelijk te maken (1 Thess. 5:21), ook als we niet achter hun theologie staan.”

Als we meer concreet spreken over de zendeling of kerkplanter, wat voor karakter en capaciteiten zouden er noodzakelijk zijn voor de ontwikkeling van dit werk, naast de roeping van de Heere?
“Wat het karakter betreft is het belangrijk dat we geen introvert persoon zijn, niet buitensporig kritisch zijn en dat we geen neiging hebben tot depressiviteit. Het pionierswerk heeft juist al het omgekeerde nodig. Helaas hebben we ook broeders gezien die nieuwe kerken kwamen openen als het belangrijkste punt op hun cv. Eerlijk gezegd geloof ik dat het pionierswerk je opslokt en bijna enkel en alleen toewijding inhoudt en ik geloof niet dat je naam in neonlicht gaat schitteren. Ik geloof dat dit het zwaarste werk is en het minst gewaardeerd wordt, tenzij je een onverwachte groei hebt, wat je natuurlijk wel tegenkomt in de grote stad. Als je in een kleine stad werkt, vergeet dan de glorie die overigens alleen aan God toekomt: ‘En al wat gij doet , doet dat van harte als voor de Heere en niet voor de mensen. Wetende dat gij van de Heere zult ontvangen de vergelding der erfenis; want gij dient de Heere Christus.’ (Kol. 3:23-24)”

Dit artikel is vertaald vanuit het Spaans en verschijnt in het juni-nummer van het Spaanstalige tijdschrift En la Calle Recta (ECR), dat door IRS wordt uitgegeven. Ds. Manuel López is redacteur van ECR.

Bijbelse lectuur belangrijk voor kerk Spanje

EVANGELISATIEWERK KERK SPANJE - De projectgroep Spanje van IRS is momenteel op visitatiereis in Spanje. Afgelopen vrijdag bracht de projectgroep samen met de redactie van het Spaanstalige tijdschrift En la Calle Recta een bezoek aan uitgeverij Fundacion presbiteriana literatura Reformada. Hans ten Klooster: "De kerk hier in Spanje is broos"

ECR-lezer uit Cuba: “Mijn situatie is kritiek”

Het tijdschrift En la Calle Recta (ECR) is van veel waarde in de Spaanssprekende wereld, niet alleen in Spanje maar ook in Latijns-Amerika. Elk jaar schrijven weer tientallen mensen een bedankje dat ze ECR mochten ontvangen.

Meer actualiteiten